Gregoriaanse gezangen


Gezang 2

Na het eerste deel van de vertelling klinkt de gregoriaanse versie van het lied dat drie jongelingen aanhieven toen zij in de vuuroven werden gestraft. Dit verhaal is te lezen in het Bijbelboek Daniël, hoofdstuk 3.

Benedictus es, Domine, Deus patrum nostrorum; et laudabilis et gloriosus in saecula.
Et benedictum nomen gloriae tuae, quod est sanctum; et laudabile et gloriosum in saecula.
Benedictus es in templo sancto gloriae tuae, et laudabilis er gloriosus in saecula.
Benedictus es super thronum sanctum regni tui et laudabilis et gloriosus in saecula.
Gloria Patri et Filio et Spirituis Sancto et laudabili et glorioso  in saecula.
Sicut erat in principio et nunc et semper et in saecula saeculorum . Amen. Et laudabili et glorioso in saecula.
Benedictus es, Domine, Deus patrum nostrorum et laudabilis et gloriosus in saecula.

Vertaling
Gezegend zijt Gij, Heer, God van onze vaderen; lofwaardig en glorierijk in eeuwigheid.
Gezegend zij Uw naam, de heerlijke en heilige; lofwaardig en glorierijk in eeuwigheid
Gezegend zijt Gij in de tempel van Uw heerlijkheid; lofwaardig en glorierijk in eeuwigheid.
Gezegend zijt Gij op de heilige troon van Uw Rijk; lofwaardig en glorierijk in eeuwigheid.
Eer aan de Vader, de Zoon en de Heilige Geest; lofwaardig en glorierijk in eeuwigheid.
Zoals het was in het begin, en nu, en altijd, en in de eeuwen der eeuwen; aan Hem die lofwaardig is en glorierijk in eeuwigheid.
Gezegend zijt Gij, Heer, God van onze vaderen; lofwaardig en glorierijk in eeuwigheid.

< Terug